Solidariteit met Sophie Straat

Solidariteit met FLINTA*.

*Female (Vrouw/Vrouwelijk), Lesbian (Lesbisch), Intersex (Intersekse), Non-binary (Non-binair), Trans en Agender 

“Het is tijd voor de girls, de queers, people of colour. Geen tijd voor nuance: we zijn al te laat, al lang te laat voor nuance”. Met die aankondiging doet Sophie Straat op het einde van haar optredens, voor één nummer – één nummer! – een oproep om de dagelijkse realiteit even om te draaien. Ze vraagt witte mannen om plaats te maken voor een FLINTA-moshpit. Een traditie die teruggaat tot de Riot Grrrl-punkbeweging van de jaren ’90, die ruimte probeerde te creëren voor vrouwen en queer personen op concerten, omdat mannen de moshpit en het op elkaar geduwd staan misbruikten voor grensoverschrijdend gedrag, intimidatie en seksueel geweld. 

Extreemrechts en de manosphere schreeuwen moord en brand. Op sociale media volgt een campagne van seksistische, racistische en antisemitische intimidatie aan het adres van Sophie Straat.

De oproep wordt geframed als “racistisch” en “seksistisch”. Dat is een klassiek trucje van extreemrechts: doen alsof elke vorm van aandacht voor en strijd tegen onderdrukking hetzelfde is als onderdrukking zelf. “Omgekeerd racisme”, “omgekeerd seksisme” … Alsof historische en structurele discriminatie zomaar omgedraaid kan worden.

Koloniale, racistische, heteronormatieve en patriarchale verhoudingen zijn geen toevallige resten uit het verleden. Ze maken deel uit van hoe het kapitalisme onze huidige samenleving heeft vormgegeven en worden nog elke dag gereproduceerd. Verdeel en heers was en blijft een krachtig mechanisme om de uitbuiting van mens en planeet op dagelijkse basis vol te houden.

Maar een symbolische oproep om even plaats te maken voor mensen die dagelijks te maken krijgen met seksisme, intimidatie en uitsluiting heeft niets gemeen met de historische en structurele onderdrukking die vrouwen, queer personen, trans personen en mensen van kleur ervaren.

Dit gaat niet over enkele minuten op een concert. Het gaat over wie in onze samenleving gewoonlijk centraal staat en wie voortdurend moet vechten om gehoord, gezien en veilig te zijn. 

Die strijd wordt niet alleen gevoerd tegenover de elite, politici of instellingen. Ze wordt ook gevoerd binnen de werkende klasse zelf. Ook linkse activisten of wie zich op het marxisme beroept zijn niet immuun voor de ideeën waarmee deze samenleving ons dagelijks voedt. Wie beweert dat een oproep zoals die van Sophie Straat de werkende klasse verdeelt, draait de zaken om. Niet de strijd tegen onderdrukking verdeelt ons. De onderdrukking zelf doet dat.

Van de meest onderdrukten vragen dat zij hun plek niet opeisen in naam van de eenheid, creëert geen eenheid. Het bestendigt verdeeldheid. Eenheid kan alleen groeien wanneer er begrip bestaat binnen de werkende klasse voor het feit dat er binnen die werkende klasse niet homogeen is en verschillende groepen zijn die diepgaande, dagelijkse en snijdende discriminatie ervaren. Niet iedereen wordt daar rechtstreeks mee geconfronteerd, sommigen leven er overmatig mee.

Dat erkennen is geen miskenning van de uitbuiting van de werkende klasse als geheel, noch van haar centrale rol in de strijd tegen het kapitalisme. Integendeel. Onderdrukking  erkennen en beantwoorden met solidariteit is een voorwaarde om die strijd te kunnen voeren. Echte eenheid ontstaat niet door strijd tegen seksisme, racisme of queerfobie te ridiculiseren of erger, te criminaliseren, maar door ze zichtbaar te maken en ze compromisloos mee uit te dragen. Dat is de essentie van onze intersectionele en  marxistische strijd tegen het kapitalisme.

Strijd tegen seksisme, racisme en kapitalistische uitbuiting. 

Solidariteit met Sophie Straat. Solidariteit met FLINTA