Militarisering en oorlog? Vragen en antwoorden

De kwesties van oorlog, militarisering en geweld wegen steeds zwaarder in grotere delen van de wereld. Angst bij gewone Oekraïeners voor Russische bommen en drones. De staatsterreur van het zionisme die jaar na jaar Palestijnse levens vernietigt. Broers, dochters, ouders,… die uit het leven worden gerukt. Schokkende beelden van de genocide op de Palestijnen kennen wereldwijd verspreiding via onze gsm’s. Ze leiden tot gevoelens van woede en blijvend protest. Maar soms ook tot gevoelens van machteloosheid, verbittering en bij sommigen fatalisme. 

Op basis van enkele vragen en antwoorden willen we in dit artikel dieper ingaan op de opmars van militarisering en oorlogsdreiging. Wat zijn de achterliggende redenen? Zal militarisering vanwege regeringen van de bazen ons “veiliger” maken? Gebruikt de heersende klasse “militair keynesianisme” om de economie uit het slop te halen? 

En welk standpunt dienen werkenden en jongeren die strijden tegen onderdrukking en oorlog in te nemen? Welk standpunt moet er vermeden worden? Delen van de socialistische vakbond bij FN Herstal – de wapenfabrikant – zijn in de val getrapt van hun oorlogszuchtige patroons, die het imperialisme achterna lopen. De bediendenvakbonden van FN Herstal en delen van de arbeidersvakbonden bekritiseerden de steun aan anti-oorlogsbetogingen van andere vakbondsvertegenwoordigers! 

Meegaan in militarisering – en corporatistische steun geven aan de eigen bazen – is funest als we eenheid tussen alle slachtoffers van het kapitalistische systeem willen creëren. De trauma’s, dodelijke slachtoffers, verminking, mentale terreur,… vinden vooral plaats in het globale zuiden. Tijdens de decennia na WOII zorgden economische groei en wederzijdse afschrikking tussen westers kapitalisme en het “communisme” – lees: stalinisme – voor een tijdelijke afwezigheid van oorlogen in de imperialistische landen zelf. 

In het nieuwe tijdperk van de wanorde – van protectionisme en verhoogd imperialistisch conflict – wordt de oorlogsdreiging echter meer en meer tastbaar voor een groeiende groep werkenden en onderdrukten.  

1/ ‘Wat is de reden voor het meer voorkomen van oorlog?’

Naast Iran en Oekraïne wordt een reeks van landen getekend door huiveringwekkende oorlogen. In Soedan verloren meer dan 150.000 mensen het leven in een burgeroorlog. Congo kent genocidair geweld in een bloedig gevecht om grondstoffen en macht. In West-Azië – Syrië, Turkije en Iran – wordt de Koerdische bevolking met geweld het recht op zelfbeschikking ontzegd. In Azië zijn er groeiende spanningen tussen India en Pakistan, wat in mei vorig jaar tijdelijk ontaardde in een gewapend conflict. 

Sinds 2010 is het aantal op staten gebaseerde conflicten, volgens het Uppsala Conflict Data Program, bijna verdubbeld van 31 naar 61 in 2024. Het UCDP telde 11 oorlogen in 2024. Dit is het hoogste aantal sinds 2016. Het aantal dodelijke slachtoffers bij conflicten tussen staten ligt de laatste 10 jaar op een hoger niveau dan in de jaren 2000. Het aantal dodelijke slachtoffers in het post-Koude Oorlog-tijdperk – na de val van de stalinistische Sovjetunie – was toen tijdelijk gedaald. Dit was een periode waarin gevestigde journalisten stelden dat het wereldkapitalisme voor meer “vrede en democratie” zou zorgen. 

Deze vooruitzichten steunden op wensdenken. Na de crisis van de winstmarges midden de jaren ‘70 kozen de heersende elites voor neoliberale afbraak om die te herstellen. Het asociale offensief nam de vorm aan van reële loondalingen, besparingen, delokalisatie van jobs, privatisering van openbare diensten,… Een marxistische analyse waarschuwde ervoor dat het tijdperk van neoliberale globalisering uiteindelijk zou omslaan in nieuwe economische crisissen, zwakkere cycli, en uiteindelijk protectionisme en escalerend imperialistisch conflict. 

Dit meer instabiele en chaotische tijdperk begon sinds midden de jaren 2010 op de voorgrond te treden. Een centrale factor was de hevige concurrentie tussen het VS-imperialisme en het opkomende staatskapitalisme in China. De vrijhandel en zogenaamde “vrijemarktprincipes” werden overboord gegooid. Interventie van de staat – economisch, geostrategisch en militair – was in opmars. Ook om het systeem, zoals tijdens de economische crises in 2008 en 2020, tijdelijk te redden van een nog diepere crisis door geldcreatie. 

De periode van vrede na WOII in de imperialistische kernlanden, zoals in Europa, was vergeleken met andere werelddelen een uitzondering. De werkenden, arme boeren, jongeren en vrouwen,… in de koloniale landen werden nog steeds met het inherente racisme en geweld van het kapitalisme en imperialisme geconfronteerd. Ook na de officiële onafhankelijkheid van deze landen, na immense strijdbewegingen van miljoenen, gingen de onderdrukking en het terugkerende imperialistische geweld verder. Via staatsgrepen, militaire invasies, moorddadige blokkades,… 

Je zou kunnen zeggen dat Poetin met de inval in Oekraïne de brutaliteit die in het globale zuiden meestal de norm was, nu ook meer in de imperialistische centra van kapitaalaccumulatie begon toe te passen. 

Het kapitalisme draagt oorlog in zich zoals wolken de regen, zoals Jean Jaurès aan de vooravond van WOI stelde. 

De tendens naar toegenomen conflicten en oorlog heeft een objectieve basis in de tragere groei en snellere crisissen van het systeem (economisch, geopolitiek, de klimaatcrisis,…). Binnen staten komen rechten en vrijheden onder druk en het recht van de sterkste is in opmars in de internationale relaties van het kapitalisme.  

2/ ‘Maakt herbewapening ons veiliger, zoals de gevestigde politici stellen?’

Wie is “ons”? In het belang van welke klasse is de herbewapening en de nieuwe wapenwedloop? Voor gezondheidszorg, onderwijs, sociale woningen,… zijn er al jarenlang niet genoeg middelen.

Voor de noden van kapitalistische defensie moeten de sociale noden nu nog meer wijken. De gouverneur van de Nationale Bank van België, Pierre Wunsch, stelde recent: “We zaten al met de stijgende kosten voor de vergrijzing en defensie, nu komt daar Iran bij. De afgelopen jaren moet ik helaas steeds dezelfde boodschap herhalen: door ons hoge begrotingstekort hebben wij niet meer de capaciteit om een shock of zelfs een recessie op te vangen. Als we crisismaatregelen willen nemen, moeten we besparen.”

Deze situatie is een gevolg van het vastlopen van het kapitalistische systeem en van burgerlijke politici die het geld voor sociale noden niet willen zoeken waar het zit. Bij de grote bedrijven en de rijkste 1%. Theo Francken wil de uitgaven voor Defensie de komende jaren optrekken naar 2% van het Belgische BBP. Op vraag van Trump en de Navo zou dit zelfs moeten stijgen naar 5% van het BBP. De miljarden meer die naar defensie gaan, zullen ons niet veiliger maken, omdat aan de kern van het probleem niet wordt geraakt. De oorzaak van toegenomen conflicten en oorlog is het kapitalistische systeem dat steeds meer in crisis komt.

Hoe zouden we kapitalistische politici als premier Bart De Wever of andere EU-politici kunnen vertrouwen met onze veiligheid? Ze steunden zo goed als allemaal, met uitzondering van Spanje recent, de genocide tegen de Palestijnen in Gaza. Deze politici verdedigen de uitbreiding van de macht van Europese multinationals richting Oost-Europa, in Afrika, etc. Ze steunen een fort Europa met dodelijke grenzen voor wie hun uitbuiting en oorlogen wil ontvluchten.

Het gaat in het westers imperialistische conflict met Rusland, Iran of China niet om een strijd tussen “democratie of dictatuur”. Deze laatstgenoemde landen zijn zeker dictatoriaal tegenover bewegingen van werkenden, vrouwen, nationale minderheden, LGBTQIA+ personen,… Maar het VS-imperialisme of de EU-landen hadden en hebben geen probleem met samenwerking met dictaturen – zoals Saoedi-Arabië of diverse dictaturen in Afrika – als dit hun economische en strategische belangen goed uitkomt.

3/ ‘Wat is de rol van de Navo? Heeft deze militaire organisatie bestaansrecht?’ 

Mark Rutte, baas van de Navo, wil Trump steun bieden voor zijn imperialistische oorlog tegen Iran. Rutte stelde zelfs – van een kronkel gesproken – dat Trump de ongeprovoceerde aanvallen lanceerde “om de wereld veiliger te maken”.

Het corrupte Trump-regime zelf liet er weinig onduidelijkheid over bestaan dat het de olie in West-Azië wil controleren. Het wil het Iraanse regime ook destabiliseren in dienst van de genocidaire zionistische staat, die dient als lokaal imperialistisch steunpunt.

De oorlogspropagandist en Navo-baas Mark Rutte stelde in december, naar aanleiding van het conflict met Rusland: “We moeten ons voorbereiden op oorlog zoals onze grootouders die hebben meegemaakt”.

De Navo werd in 1949 opgericht als militaire alliantie tussen de VS en een reeks van voornamelijk Europese landen, waaronder België. Ze had de bedoeling om de westerse imperialistische belangen militair te verdedigen, tegen het stalinistische blok en tegen linkse en revolutionaire krachten in Europa en daarbuiten. 

De Navo was er niet om democratische rechten te ondersteunen. Bij haar oprichting was de dictatuur in Portugal lid. De VS financierden en leverden wapens aan het Griekse militaire bewind tussen 1967 en 1974. Griekenland bleef lid van de Navo tijdens de dictatuur. 

De Navo breidde na de val van het stalinisme eind jaren 1980 – toen haar bestaansreden formeel zogenaamd was weggevallen – uit naar Oost-Europa. Dit gebeurde mede onder impuls van het militair-industriële complex in de VS en haar winstbelangen. Het was ook een manier om nieuwe markten strategisch veilig te stellen voor de westerse multinationals. 

Deze gevaarlijke uitbreiding in Oost-Europa – samen met de uitbreiding van de neoliberaal-kapitalistische EU in de regio – droeg bij tot militaire en economische spanningen met Rusland. De invasie van de regionale imperialist Poetin in Oekraïne en de oorlogsmisdaden van zijn legers zijn verwerpelijk. Maar ook de uitbreiding van het westerse imperialisme in Oost-Europa was niet in het belang van werkenden en jongeren.

Vandaag wil Trump de vermeende veiligheid van Europese landen niet meer garanderen via de Navo. De Europese heersende klassen proberen via een verhoging van hun eigen defensie- en wapenuitgaven een eigen imperialistische poot op te bouwen. De gedeelde belangen met de VS blijven deels bestaan, hoewel sommige commentatoren – voorlopig nog een minderheid – pleiten voor een breuk met de VS en de Navo. 

Een onafhankelijke zgn. Europese imperialistische politiek wordt echter gedwarsboomd door de politieke en economische tegenstellingen binnen de EU. Er is een trend naar ad hoc-coalities van de “bereidwilligen”, om gezamenlijk prokapitalistische belangen te verdedigen. 

Werkende mensen, jongeren en onderdrukte gemeenschappen moeten de Navo verwerpen. België moet zich uit de Navo terugtrekken. Ze kan onze belangen nooit dienen. De militaire alliantie is er enkel om de belangen van het kapitaal en de rijkste 1% te verdedigen.

4/ ‘Zal militarisering voor economische groei zorgen en ons welvarender maken?’

De Europese economieën verkeren in een schijnbaar constante staat van stagnatie. Een economische krimp na de bankencrisis en vervolgens de Covid-19 pandemie werden gevolgd door een energie- en koopkrachtcrisis. Het protectionisme van Trump en de dalende Chinese vraag naar Europese goederen (-10% in 2 jaar) brengen nu de export poot van de economie in gevaar.

Dat zorgt bij zowel de werkende klasse als bij de bedrijven voor weinig vertrouwen in de economie. Het gevolg is het verdiepen van een trend naar het ophopen van geld en weinig investeringen in de reële economie van diensten en goederen. We worden geconfronteerd met een crisis van overaccumulatie van kapitaal. 

Die stagnatie laat zich het meest voelen in de grootste economieën van de eurozone, met Duitsland op kop. Dat is een probleem in een systeem dat het succes van politici meet aan de economische groei die ze zogezegd creëren.

Maar, kijk! Poetin staat aan de deur en de VS is geen betrouwbare militaire partner meer. De oplossing is voor sommigen dus evident. Na de Koude Oorlog kreeg je gigantische militaire budgetten niet meer uitgelegd. Maar nu kunnen ze de angst en het nationalisme weer volop aanwakkeren. Steek dus massaal overheidsmiddelen in wapens en we boosten die economie in een wip!

En ja, de data wijzen uit dat in ontwikkelde economieën deze investeringen een opkikker zijn voor de economische groei. Maar een stijgende lijn op een grafiek zegt weinig over de echte welvaart. Evident is dat positieve effecten vooral zijn weggelegd voor de militaire industrie zelf. Bij een investering in militair materieel sluist de overheid bakken geld over van belastingbetalers naar de bankrekeningen van, doorgaans private, defensiebedrijven. 

Bovendien gaat het idee van ‘militair Keynesianisme’ ervan uit dat we een eigen militair industrieel complex uitbouwen. Zonder dat complex vloeit tot meer dan de helft van het geld voor aankopen van materieel naar de Verenigde Staten. Dat is vandaag al zo. Meer vraag naar materieel betekent de facto meer vraag naar producten die Europa slechts in beperkte mate maakt. 

De kapitalistische politici denken: kunnen we dan niet investeren in zo’n ‘militair industrieel complex’. Economen (Wolff, Eichengreen,…) twijfelen of dit wel mogelijk is in dit Europa. Belangen lopen tussen landen te veel uiteen, regels zijn (allicht terecht) complex, veel van de grondstoffen zijn hier weinig te vinden,… Brown University stelt dat als je een stimulus voor de economie beoogt, dit geld beter naar infrastructuurprojecten, onderwijs en gezondheidszorg gaat. Een euro die de overheid daar spendeert, levert ‘down the line’ namelijk meer op voor de economie dan een extra euro voor het leger. 

En het is wel degelijk een verhaal van ‘of’ en niet van ‘en’. Tal van researchers (Fan, Ikegami,…) komen tot de conclusie dat militaire uitgaven een ‘crowding out’, of verdringend, effect hebben. 1% extra voor defensie leidt tot wel 0.62% minder voor gezondheidszorg: een effect van het stricte budgettaire kader van overheden. In lage – en middeninkomenslanden is dit effect bovendien het grootst. Niet elk land kan immers profiteren van de hyper exploitatie van het globale zuiden… Voor de welvaart zijn de voorspellingen dus wisselvallig, voor het welzijn zijn ze simpelweg nefast. 

De logica achter militaire investeringen gaat natuurlijk verder dan alleen het al dan niet tijdelijk opkrikken van de economie. Het volgt in de voetsporen van een aantal grote militaire machten die steeds meer bereid zijn om gewapenderhand hun eigen belangen te ‘verdedigen’: toegang tot afzetmarkten, kapitaal en vooral grondstoffen. De VS viel Venezuela aan om meer controle over diens olie, gas en goudreserves te krijgen. Oekraïne mag in naam van het westen blijven vechten zolang ze haar grondstoffen aan de VS belooft. In 3 deals, waarvan 2 geheim, geeft Oekraïne een deel van haar soevereiniteit op om voor diezelfde onafhankelijkheid te blijven vechten.

Zelfs nu, met Rusland in volle oorlogsmodus, geeft alleen de EU nog bijna 3 keer meer uit aan defensie. Als de EU meer geld in haar legers wil steken, moeten we duidelijk stellen dat ze dit niet uit zelfverdediging doet maar om dit spel in de toekomst mee te spelen. Worden ‘wij’ daar welvarender van? Nee. Niet in Europa, helemaal niet in het globale zuiden, nu al de militaire en economische speelbal van de verschillende machtsblokken.

5/ ‘Wat moeten we denken van pogingen om de dienstplicht terug in te voeren, zoals in Duitsland?’

De economische logica van de Europese burgerij is niet absoluut. Weliswaar blijft jongerenwerkloosheid een groot probleem. Daar kan de dienstplicht een tijdelijke verademing voor de arbeidsmarkt bieden. Maar in feite is dat één probleem vervangen door een ander. Eén van de grootste problemen van Europa op lange termijn is immers een sluipend gebrek aan nieuwe werkers. In tal van sectoren hebben EU-landen nu al weinig keuze dan opleidingsvoorwaarden lakser te maken of gastarbeiders aan te trekken.

Een evolutie naar een opnieuw verplichte dienstplicht is dus op lange termijn niet wenselijk voor de burgerij. Op korte termijn lijkt het voor politici echter een goedkoper alternatief voor grote professionele legers.

Wat in de hoofden van veel machthebbers de dienstplicht zo aanlokkelijk maakt, is dat het de sociale samenhang van een land zou versterken. Mensen met verschillende achtergronden moeten samen een disciplinerende opleiding doorlopen. Zo versterkt het dan een gevoel van nationale verbondenheid en trots. 

Doorheen de geschiedenis hebben de kapitalisten nationale eenheid altijd gebruikt als wapen tegen té kritische sociale bewegingen. Bekijken we het vanuit dat perspectief, dan zien we dus een project voor klassenverzoening en, om het wat dramatisch te stellen, onderwerping aan de natiestaat. De diensplicht is zo slechts één van vele ideologische pogingen om een inherent instabiel systeem te stabiliseren.

Een model van dienstplicht, één dat disciplineert, maatschappijkritiek smoort en de natie als hoogste goed oppert, moeten we volmondig verwerpen. Zeker op een continent dat nog steeds delen van de wereld economisch uitbuit en ten koste van anderen, geopolitieke belangen nastreeft die nauw verbonden zijn met toegang tot markten en grondstoffen. De militaire dienstplicht dient dan als een leerschool voor pro-imperialistische ideeën.

6/ ‘Waarom is strijd tegen kolonialisme verbonden met de strijd tegen militarisering?’

Je kan nog zo veel volk naar het front sturen als je wilt. Als ze geen moderne wapens hebben, zullen ze er weinig van bakken. Opnieuw die productie en invoer van materieel dus. Waar haalt de industrie die? Bauxiet, koper, ijzer, zeldzame aardmineralen,… Die grondstoffen zijn nodig voor de productie van wapensystemen. Tegelijk zijn deze en andere grondstoffen vaak waar conflicten om draaien. De imperialistische kernen van de VS, de EU en China krijgen met die conflicten niet te maken op eigen grondgebied. Ze exporteren ze door middel van inter-imperialistische competitie, waarbij lokale actoren als proxies kunnen dienen.

Veel van de tanende maakindustrieën in Europa hebben alles in huis om batterijen, waarnemingsapparatuur, motoren enzovoort te maken. Zaken waar op traditionele markten vaak een dalende vraag voor is. De vraag naar die producten voor defensiedoeleinden neemt echter toe. Om export te promoten versoepelen uitvoervoorwaarden in verschillende Europese landen. Zo bouwen we in Europa binnenkort op hoog tempo het repressie-arsenaal van “bevriende regimes” uit. Volkswagen schrapt tegen 2030 50.000 Duitse jobs, maar ze konden er een aantal redden door leverancier voor de ‘Iron Dome’ van de zionisten te worden.

Palestina wordt al decennialang gebruikt als testsite voor wapens. Ook tal van Belgische bedrijven hebben links met bijvoorbeeld Elbit, de hofleverancier voor de genocide in Gaza. Een ontwikkelende wapenproductie zal die connecties alleen maar versterken. 

Wapens produceren betekent ofwel wapens gebruiken ofwel wapens exporteren. Die export gaat vaak via clandestiene of illegale kanalen, maar vaak ook gewoon via directe militaire steun door overheden. In Soedan hebben de VAE, Rusland, China, Egypte en andere globale en regionale machten belangen. Ze leveren allemaal wapens, soms aan beide kanten van het conflict. Rheinmetall, Thales, Leonardo,… De lijst van Europese bedrijven die wapens leveren aan de IDF is al lang. Het aantal bedrijven op die lijst zou wat ons betreft 0 moeten zijn. 

7/ ‘Hoe komen we op voor een alternatief op oorlog en kapitalisme?’

Steeds vaker hoor je dat de 3e Wereldoorlog al begonnen is. Is dat alarmisme? Hoe een oorlog zal omschreven worden in de geschiedenisboeken maakt niet veel uit als het jouw huis, jouw straat, jouw familie is die gebombardeerd wordt. 

Spreken over een 3e Wereldoorlog om te zinspelen op de Tweede Wereldoorlog is echter nog niet gepast. Op dit moment dient het ook een narratief waarbij machthebbers ons onder druk kunnen zetten om ‘kamp’ te kiezen. In tegenstelling tot de jaren ‘40 is er vandaag nog geen rechtstreekse clash tussen grootmachten en hoewel er een heroriëntatie is naar defensie, is er geen sprake van een ‘totale oorlog’ of ‘oorlogseconomieën’ (op Rusland na, afhankelijk van waar je de lat legt). 

Sommige defensie-analisten spreken over een hybride oorlog met tegelijkertijd proxy conflicten zoals in Oekraïne of Nagorno-Karabakh en een enorme toename in cyberaanvallen en politieke beïnvloeding. 

De grote wereldmachten kiezen daarbij in zowat elk conflict hun favoriete partner om de eigen belangen te verdedigen. 

In het globale zuiden is de brutaliteit van het oude kolonialisme nog volop in leven. Dat zie je in de aanslepende gevolgen van de Syrische burgeroorlog, in Libië, in Soedan, Koerdistan, Libanon, Iran, Congo,… 

In die context opkomen voor een alternatief op oorlog en kolonialisme is niet evident. De brutaliteit van de kapitalistische leiders is in deze conflicten vaak nietsontziend. De aandeelhouders (overheden of particulieren) van de grote spelers in hun toeleveringsketens hebben daarbij geen nood aan ‘democratische waarden’, enkel aan winst en groei. 

Opkomen voor een alternatief begint vandaag dus bij verzet tegen militarisering. Dat is verzet tegen de bouw van nieuwe wapenfabrieken en het ombouwen van oude productie voor defensiedoeleinden. We hebben meer dan genoeg noden in infrastructuur, groen openbaar vervoer en energie. 

Antikoloniale strijd is een tweede noodzaak. Geen enkel land mag nog de speelbal zijn van gelijk welke grootmacht. Zelfbeschikkingsrecht voor elke onderdrukte nationale groep is daarbij essentieel. Zelfbeschikking is ook economische zelfbeschikking. Elk jaar onttrekken multinationals en overheden op illegale wijze 90 miljard dollar aan het Afrikaanse continent. Als je daarbij de extractie van winst naar het buitenland optelt, gaat het om een veelvoud van dat bedrag. Dat geld behoort toe aan de werkenden daar! 

Enkel als we internationale handel in alle continenten in handen van de werkende klasse brengen, kunnen we deze plundering stoppen.  

En het uitbreken van een oorlog dan? Hoe stoppen we dat? 

In 1905 stonden Zweden en Noorwegen op het punt een oorlog te starten. 

De werkende klasse stopte die. De Zweedse werkers dreigden met een algemene staking. Ze voerden een campagne waarbij ze duidelijk maakten dat als ze werden opgeroepen om te vechten, ze hun wapens tegen hun eigen regering zouden gebruiken. 

Ook vandaag zijn bewegingen die durven staken, blokkeren, militaire blokkades uitdagen, zelfs saboteren, de meest inspirerende voor alle onderdrukten. 

Tal van getuigenissen maken duidelijk dat de Palestijnen, zelfs midden in een humanitaire catastrofe, moed putten uit internationale solidariteit. De stakingen van havenarbeiders, de bezettingen van studenten en de Sumud flotilla zijn daar maar enkele voorbeelden van. 

Op die radicale voorbeelden kan een nieuwe anti-oorlogsbeweging zich baseren. 

Om imperialisme en fascistische tendensen te verslaan moeten we onze zelforganisatie als diverse werkende klasse opbouwen. Volgens ons is er nood aan een revolutionaire strijd van de werkende klasse en onderdrukte gemeenschappen voor een ander democratisch socialistisch systeem. Op basis van deze strijd zouden we imperialistische oorlogen en onderdrukking naar het verleden kunnen verwijzen.